Bepaalde tijd

Maximale termijn arbeidsovereenkomst bepaalde tijd

Het is op grond van de wettelijke bepalingen mogelijk maximaal drie arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd overeen te komen, mits zij gezamenlijk de termijn van 24 maanden (twee jaar) niet overschrijden. Daarna – dus bij een vierde arbeidsovereenkomst of overschrijding van de tweejaarstermijn – wordt de arbeidsovereenkomst van rechtswege een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Hier hoeft dus niets voor gedaan te worden. Om te voorkomen dat de keten van arbeidsovereenkomsten wordt omgezet in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd dient er een tussenpoos van minimaal zes maanden overeengekomen te worden. Daarna mag de keten weer opnieuw beginnen. Er bestaat geen minimale termijn dat de arbeidsovereenkomst tenminste moet duren.

Uitbreiden keten arbeidsovereenkomsten bepaalde tijd

De wetgever heeft het mogelijk gemaakt om de keten van arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd uit te breiden bij CAO. In dat geval kan de termijn van 24 maanden worden opgerekt naar 48 maanden (vier jaar) en het aantal van maximaal drie naar maximaal zes overeenkomsten.

Voor werknemers die de AOW-leeftijd reeds hebben bereikt bestaat een uitgebreidere ketenregeling. In dat geval is er gedurende maximaal 48 maanden of zes overeenkomsten sprake van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd.

Stilzwijgende voortzetting arbeidsovereenkomst

Ondanks dat er aanzeggingsverplichtingen bestaan, kan een arbeidsovereenkomst ook stilzwijgend worden voortgezet. Dat is het geval als er geen nieuwe afspraken worden gemaakt en de werknemer de dag nadat de arbeidsovereenkomst afliep op het werk wordt verwacht, en verschijnt en zijn werkzaamheden verricht. De arbeidsovereenkomst is dan verlengd voor dezelfde duur als deze oorspronkelijk is aangegaan, maar maximaal voor één jaar, en onder dezelfde voorwaarden.

Wettelijke afwijking arbeidsovereenkomst minder dan zes maanden

Voor de arbeidsovereenkomst van minder dan zes maanden gelden nog enkele wettelijke afwijkingen. Zo is het niet mogelijk een proeftijd op te nemen en is de werkgever niet verplicht een maand voor het einde van de arbeidsovereenkomst te voldoen aan de aanzegverplichting.

Bovendien is het in principe niet mogelijk een concurrentie- en/of relatiebeding op te nemen in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. Hiervan kan worden afgeweken als uit een schriftelijke motivering in de arbeidsovereenkomst de zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen van de werkgever blijken, waardoor juist de medewerker met de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd gebonden moet zijn aan